Duurzaam ondernemen #11: Minou Schillings

Het is weer eens tijd voor een interview met een andere duurzame ondernemer! In deze editie interview ik Minou Schillings, en voor het eerst heb ik dat live via videochat gedaan, in plaats van schriftelijk. Spannend dus, maar heel gezellig! Minou is de persoon achter The Green Sprint, en zij helpt ondernemers om nog iets verder te kijken dan duurzaamheid: ze focust zich namelijk op regeneratief ondernemen.

© Emilie Blanc

Charlotte:
Minou, welkom in de podcast! Je bent de eerste die ik zo op deze manier ga interviewen. Ik heb natuurlijk al eerder interviews op mijn blog gehad, maar dat was allemaal schriftelijk. Dus leuk dat ik je op deze manier kan spreken. Dus direct maar de eerste vraag

Wie ben je en wat doe je?

Minou:
Dankje dat ik de eerste mag zijn, een hele eer, ben benieuwd. Ik ben Minou Schillings, en we kennen elkaar via het Happy Planet Professionals netwerk.

En wat ik doe: Ik help bedrijven bij het voorbijgaan aan de business as usual mindset. Dus in plaats van dat je daadwerkelijk alleen maar denkt als business as usual – dat houdt in korte termijn, kwartaaldoelstellingen, profit boven alles, op een bepaalde manier samenwerken – heel veel van deze manieren van werken en succes nastreven zijn eigenlijk heel destructief voor de planeet en voor sociale systemen.

De bedoeling is dat ik bij bedrijven help om een regeneratieve manier van werken en denken en doen en samenwerken te omarmen. Dat houdt in dat je meer het bedrijf gaat zien als een levend systeem. Echt zorgen dat je een gezonde positie krijgt binnen sociale en ecologische ecosystemen en dat je daar positieve waarde creëert. Dat je niet destructief bent.

En om dat te doen, moet je ook veel meer opereren als iets dat dicht bij de natuur staat. Niet per se dat het midden in de natuur moet staan, maar op een natuurlijkere manier opereren. Dus in meerdere generaties denken, lange termijn denken, niet alleen maar in silo’s, maar echt heel connected. Meer in seizoen, in plaats van het idee dat het altijd alleen maar zomer is, dat je altijd en overal constant de vruchten kunt plukken, zonder dat je de tijd neemt om een winterperiode in te gaan.

Op heel veel manieren kun je echt op een andere manier gaan aankijken tegen het bedrijven van business en het samenwerken.

Charlotte:
En die winterperiode is dan een soort rustperiode neem ik aan? Net als in de natuur?

Minou:
Niet alleen een rustperiode, maar het is in veel vormen ook herstel, het is tot rust komen inderdaad, maar het is ook gewoon zorgen dat andere systemen tot rust kunnen komen. Dat misschien bepaalde soorten, bepaalde bedrijven die juist goed gaan in de winterperiode, dat die dan kunnen herstellen, aansterken en vernieuwen.

Ik vind het heel lastig om dit in het Nederlands te doen merk ik, het komt er helemaal niet lekker uit.

Charlotte:
Het klinkt voor mij wel natuurlijk.

Wanneer begon duurzaamheid belangrijk te worden in jouw leven?

Minou:
Dat is een goede vraag. Ik den dat het heel langzaamaan er een beetje in is gesijpeld. Ik ben altijd al een buitenmens geweest. Mijn favoriete dingen vroeger waren al buiten spelen, paardrijden, bladerenhutten bouwen, op avontuur gaan. Ik ben 10 jaar geleden ofzo – 8 jaar geleden, ik weet het niet precies – een project gestart rondom buiten spelen, om kinderen weer meer naar buiten te krijgen. Dus dat hele natuurlijke, dat tegen de huidige manier van doen en werken ingaat, dat heeft er altijd al in gezeten. Ik heb altijd al het gevoel gehad dat er iets niet klopt.

Maar, ik moet wel eerlijk zeggen, voor een heel lange termijn was ik wel gewoon een vleeseter, en ik vloog veel. Ik lette niet per se op consumptiepatronen, ik ben ook vroeger naar de Primark gegaan, ik was ook een tienermeisje dat niet over dat soort dingen nadacht.

Charlotte:
Ja, herkenbaar!

Minou:
Ja, het is denk ik heel herkenbaar inderdaad. Maar vanaf het moment dat ik van de middelbare school af kwam, ben ik direct eigenlijk rechten gaan studeren. Nou, dat werd ‘m niet. Food Innovatie gedaan, dat was wel heel erg gericht op duurzaamheid.

Tijdens mijn laatste jaar Food Innovatie ben ik een sociale innovatiestudio gestart, natuurlijk ook gericht op sociale ontwikkelingen. Toen ben ik gaan reizen, daarna mijn master gaan doen. En binnen mijn master Creativiteit & Innovatie aan het Edward De Bono Institute For The Development Of Thinking. Maar eigenlijk ook alleen maar weer gericht op sociale en duurzame ontwikkelingen, en dat is nu een aantal jaar geleden.

Dus ik zou zeggen de afgelopen 8 jaar speelt het echt een heel belangrijke rol in mijn leven. En vroeger was ik gewoon al een blij buitenkind.

Charlotte:
Dat klinkt wel ongeveer… Volgens mij ben ik ietsje korter bezig met duurzaamheid. Voor mij was het ongeveer rond 2016-17 dat het kwartje viel. Dus iets korter.

Minou:
Ook al bijna 8 jaar!

Charlotte:
Nee, 6 jaar toch?

Minou:
6-7. Tijd vliegt.

Charlotte:
Ja, tijd vliegt. Ik heb zoiets van: Zolang dat bewustzijn op een gegeven moment maar komt. Dat is denk ik heel erg met onze generatie: dat je wel opgroeit in die business as usual mindset, maar dat er ongeveer vanaf onze generatie op een gegeven moment toch zo’n heel bewuste omslag is ofzo.

Minou:
In sommige gevallen ja. Zeker niet alle. Minder dan je zou willen denken. Als ik door mijn LinkedIn scroll, dank denk ik “Wow, dit is geniaal, zoveel goede ideeën, zoveel goede initiatieven”, maar als ik dan LinkedIn vervang door het NOS, of de gesprekken die ik heb voor mijn werk, of de gespreken die ik heb – ik ben nomadisch – de gesprekken die ik heb in hostels, community events, of random met mensen in andere landen die niet binnen die bubbel zitten, dan denk ik opeens: “Valt eigenlijk toch aardig tegen.”

Ik denk dat het belangrijk is dat duurzaamheidsprofessionals zich soms ook heel bewust buiten die bubbel begeven, omdat we dan ook leren hoe we de rest wél mee kunnen krijgen. Dat we niet als een soort heel enthousiaste unit vooruit rennen…

Charlotte:
…en dan vergeten de rest mee te nemen.

Op de hoogte blijven van mijn duurzame webtips en filosofische hersenspinsels?
Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief 👇🏻

Wat betekent duurzaam ondernemen eigenlijk voor jou?

En hoe pak jij dat dan aan? Wat doe je allemaal op het gebied van duurzaam ondernemen? Welke keuzes maak je?

Minou:
Duurzaam ondernemen kan ontzettend veel verschillende dingen betekenen voor verschillende mensen. Voor mij betekenthet vooral dat het een zoektocht is. De oude manier van werken, de business as usual manier van werken, die destructief is, die korte termijn is, die niet positief bijdraagt aan de aarde, niet positief bijdraagt aan mensen, dat is voor mij puur ONduurzaam ondernemen.

Hoe écht duurzaam ondernemen, écht regeneratief ondernemen eruit ziet, waarbij je daadwerkelijk in alles wat je doet positieve impact genereert, dat weet niemand. Want er is nog geen enkel bedrijf volledig regeneratief. Heel veel bedrijven zijn het grotendeels. Die zijn op zoektocht, er zijn mooie principes die daaraan gehangen zijn, maar die opereren tot op een bepaalde hoogte nog steeds binnen een business as usual wereld. Dus ergens loop je tegen een muur aan.

Ik denk: duurzaam ondernemen dat is zoveel mogelijk van dat soort muren proberen te vinden, en daar doorheen te breken.

En natuurlijk de hele basisdingen die je kunt doen, bijvoorbeeld switchen van bank, switchen van verzekering, switchen van webhost, dat die allemaal duurzaam zijn. CO2-compensatieprogramma’s steunen zoals Ecology. Je kunt evenementen rondom duurzaamheid organiseren, of pro bono werk doen, je dieet aanpassen, je manier van reizen aanpassen. Zorgen dat je refurbished materialen koopt, zo lang mogelijk met je dingen doet. Dat je je klanten en iedereen om je heen motiveert en stimuleert. Er zijn op dat gebied heel veel verschillende dingen die je kunt doen als duurzame ondernemer.

Maar ik denk dat het belangrijkste is dat je steeds die muren opzoekt, waarbij dat nu nog lastig is, en dat je andere duurzame ondernemers en mensen om je heen verzamelt om te zoeken hoe we daar een oplossing voor kunnen vinden. Hoe kunnen we samen een verhaal creëren dat 100 jaar vooruit kijkt, in plaats van een aantal jaar of een aantal maanden. Hoe kunnen we samen een netwerk opzetten van freelancers of businesses dat kiest voor samenwerking in plaats van competitie? En dat je op die manier echte ripple-effecten gaat creëren.

Het is dus echt een combi van tastbare dingen doen die je gewoon kunt doen als duurzame ondernemer, vrij simpel, die zijn er, en die creatieve zoektocht van “hee, hoe kan het anders?”

Charlotte:
Ik zat net te denken hè. Jij zegt net dat er nog geen enkel écht 100% regeneratief bedrijf is. En regeneratief is natuurlijk nog een stapje verder dan duurzaamheid. En sinds een tijdje vraag ik me dus af of dat überhaupt mogelijk is: 100% duurzaamheid, of 100% regeneratief zijn. Want eigenlijk…

Stel dat je heel veel positieve impact op de aarde wilt hebben, om dat te doen moet je natuurlijk altijd een klein beetje negatieve impact maken. Stel dat je een boek schrijft om mensen te inspireren om duurzamer te leven. Dan heb je natuurlijk een beetje die negatieve impact van het produceren van dat boek. Het drukken, verspreiding, etc…

Minou:
Dat hóéft niet. Als jij zegt: De enige manier om een verhaal te verspreiden is een boek, dan is dat misschien alweer business as usual denken. We hoeven daar geen bomen voor te kappen. En als we het doen, kan het ook zijn van bossen die op een bepaalde manier zijn beheerd dat ze de mogelijkheid krijgen om genoeg terug te groeien. Het kan van gerecycled materiaal zijn. Het kan op een andere manier verspreid worden. We kunnen volledig swappen naar audio en die audio dan installeren op servers die runnen op renewable energy.

Er zijn best wel veel verschillende manieren om altijd alles anders aan te pakken. Waar ik bedoel dat het nog nergens echt 100% regeneratief is, is omdat regeneratief ondernemen gebeurt nooit in een silo. Dus één bedrijf op zichzelf kan niet regeneratief zijn, want je moet altijd ergens samenwerkingen aangaan om iets te doen. Niks op deze wereld functioneert als volledig op zichzelf staande entiteit. Dat gaat in tegen de wetten van de natuur.

Dus dan moeten al die bedrijven, al die regeneratieve bedrijven, samenwerken met andere regeneratieve bedrijven. En die weer met andere. En dat hangt allemaal samen in een netwerk van connectedness, en op een bepaald punt loop je ergens tegen een punt aan wat nog niet volledig regeneratief is, omdat je nog binnen het oude systeem werkt.

Of dat betekent dat wij nooit regeneratief kunnen worden? Zeker wel. Ik zie de uitdaging van het creëren van een regeneratieve en eerlijkere en inclusievere wereld als iets wat ik niet ga meemaken. Ik ga hele mooie transformaties meemaken, en ik ga heel hard mijn best doen om zoveel mogelijk en zo ver mogelijk te komen, maar volledig van destructief, van het punt naar wij nu zijn, naar een volledig regeneratieve wereld die echt in sync is met de natuur – waarbij we weer terug zijn gegaan, geen ego maar eco – binnen ons leven? Nee. En in het leven van mijn hypthetische kinderen? Ook niet. Maar misschien over 500 jaar.

Charlotte:
Want wat jij zegt: Ook al maak je dat boek uit onze hypothetische casus zo duurzaam mogelijk, van volledig 100% gerecycled papier, er is natuurlijk altijd wat energie nodig om dat überhaupt te produceren en te distribueren, je bent dan echt afhankelijk van andere partijen, samenwerkingspartijen om die impact zo klein mogelijk te houden en ook de kleine impact die je dan nog hebt te offsetten.

Minou:
Ja, bijvoorbeeld jij bent een schrijver, en dan kun je heel bewust gaan zoeken naar een duurzame publisher. En die kan dan partijen zoeken die regeneratief of duurzaam handelen. Dus gerecycled materiaal, alternatieven voor inkt, alternatieven voor het verspreiden van boeken, er zijn heel veel verschillende dingen. Maar op een gegeven moment kom je inderdaad bij een distributiepartij uit, want je hebt die range of responsibility. Je hebt bepaalde scopes, en hoe verder een scope van jou af staat, van de kern van jouw bedrijf, hoe indirecter jouw invloed is. Maar dat betekent niet dat je er niks mee te maken hebt.

In de huidige situatie: Iemand die in New York een boek schrijft en daar publiceert, en vervolgens wordt dat gedrukt en gedistribueerd, en in Nederland gaat daar misschien een boekhandel mee aan de slag die totaal niet regeneratief is, die gaat dat verkopen. Daar invloed op uitoefenen wordt lastig. Het kan, je kunt echt voorwaarden gaan stellen bij hoe een boekhandel moet zijn en moet handelen voor ze jouw boek mogen verkopen.

Charlotte:
Wow, dat gaat wel heel ver!

Minou:
Ja, maar dat zie ik ook nog niet gebeuren. Veel boeken over regeneratie, die zijn gewoon te koop op Amazon. Dan kun je je wel afvragen: Hmm…

Charlotte:
Het is moeilijk, maar niet onmogelijk. Maar het is zo’n denkstap die heel veel mensen niet maken. Ik had die denkstap ook nog niet gemaakt. Je wilt dat boek natuurlijk zoveel mogelijk verspreiden, omdat je zoveel mogelijk mensen wilt inspireren. Maar die stap, die boekhandel die dat boek verkoopt, zelfs daaraan denken.

Minou:
Ik denk dat het heel logisch is, dat mensen daar in eerste instantie niet aan denken. Daarom vind ik mijn werk ook zo leuk! Omdat je de hele tijd dat soort dingen samen kan gaan verkennen. Ik ga ook niemand oplossingen bieden, of zeggen hoe het dan wel moet. Het is echt meer een zoektocht: denk hier en hier aan. Kan het daar beter?

Einstein heef het volgens mij ook al een keer gezegd: Als hij een uitdaging heeft, denkt hij 55 minuten na over de uitdaging, en 5 minuten over de oplossing. En dat is hier hetzelfde. Want in principe, als je eenmaal gedacht hebt aan de boekhandel die het verkoopt, dan is de volgende stap een lijst maken van waar zo’n boekhandel dan aan moet voldoen helemaal niet zo heel moeilijk. Maar je moet er inderdaad wel eerst komen.

Charlotte:
Ja, je moet eerst dat idee krijgen eerst.

Minou:
En daarvoor moet iemand een vraag stellen. That’s it.

Charlotte:
Dus jij geeft bedrijven echt gewoon het duwtje in de goede richting.

Minou:
Ik stel vragen, en dan houdt het zichzelf erop. Vragen stellen, samen paden uitzoeken, creatieve denkoefeningen, innovatieprocessen begeleiden. Eigenlij zorgen dat mensen in een situatie of een denkproces of een samenwerkingsproces komen waarbij ze zelf dit soort conclusies trekken en dan aan oplossingen gaan werken. Want wat ik vaak merk: Als je iemand gaat vertellen wat ze moeten doen, dan is er geen gevoel van ownership. Dan is er geen eigenaarschap en dan is het ook heel lastig om het vervolgens door te zetten.

Charlotte:
Dan voelt het een beetje als een moetje?

Minou:
Ja, het voelt dan een beetje als een moetje, en het is vaak lastig als daar dan nog vanuit de business as usual mindset mee wordt omgesprongen. Dat is waarom ik eigenlijk zo hamer op en zo bezig ben met mindset en op een andere manier tegen dingen aankijken, samenwerken en ontwikkelen.

Wat ik eerst deed – daarom heet het ook The Green Sprint. Sprint komt eigenlijk van het innovatieproces van Google Ventures, en is een combinatie van design thinking en sprinting. Dat zijn dus getimeboxete, gestructureerde, snelle innovatieprocessen leiden die tot een tastbaar eindresultaat, wat je getest hebt bij de consument. In het begin dacht ik: Ik moet zo snel mogelijk duurzame producten ontwikkelen, die binnen de maatschappij uitgerold kunnen worden.

Maar iedere keer dat ik dat deed, was het garbage in, garbage uit. Want je begon met een uitdaging, maar als iedereen daar met een business als usual mindset in ging, dan kwam daar een idee uit rollen dat óf heel tof was, maar dan niet door de organisatie heen geduwd kun worden vanwege politieke spelletjes, óf het was überhaupt een business as usual oplossing, maar dan in een iets duurzamer jasje. En dan kom je heel snel bij de plek waar je denkt: het zet óf geen zoden aan de dijk, óf het gaat in de creepy direction van greenwashing. En dat wil niemand.

Charlotte:
Ja precies. Beetje van “Leuk idee, maar daar kunnen we niet zoveel winst op maken op deze manier, dus joejooee.”

Minou:
Ja, of het gaan in tegen de KPI’s van een andere afdeling, of het werkt niet in samenwerking met één van de visies van C-level executives. Er zijn best wel veel verschillende redenen waarom iets binnen een organisatie gewoon weer tot halt geroepen wordt. En dat is zonde.

Charlotte:
Dus jij probeert echt alle lagen van zo’n bedrijf die manier van denken aan te leren?

Minou:
Waar ik me nu voornamelijk op richt, zijn intrinsiek gemotiveerde mensen, professionals binnen bedrijven, omdat er al best wel veel organisaties zijn die zich richten op C-level, op executives en op leiders. En ik vind dat in de basis eigenlijk alweer een business as usual manier van denken, want je gaat top-down ga je proberen dingen te beïnvloeden. Terwijl die hiërarchische structuur volgens mij al onderdeel is van het destructieve. En het is ook een reden waarom veel innovaties niet zo goed door een organisatie heen kunnen, omdat het hiërarchisch is. Of het verdrukt creativiteit. Dus wat ik echt probeer is te werken met de individuen binnen die organisatie, die de mogelijkheid hebben om zo’n ripple-effect te creëren.

Charlotte:
Dus meer bottom-up.

Minou:
Ja. En andere bedrijven zijn weer bezig met top-down. Op die manier. Ik had er laatst nog een hele lange discussie over met iemand hier. Ik zit in Denemarken nu. Die persoon is bezig met een groot plan voorleggen aan de Deense overheid om armoede volledig uit te bannen. We hebben een heel lange discussie gehad over de principles waarop mensen nu acteren, waar ze mee bezig zijn, wat ze zouden moeten omarmen. En over common sense, en wat dat nou betekent. Dat was de voornaamste discussie.

Hij zei: Wat iedereen nu doet, is common sense. Dat hele individualistische, destructieve. Voor hun is het logisch, kan het uitleggen. Nee, dat is niet common sense, dat zijn de commons waar we voor moeten zorgen, en het is tegennatuurlijk en destructief voor ons als gehele mensheid om zo te handelen. Dus we hadden een totaal ander idee van common sense. En ik denk dat dat de grote switch is. Common sense moet niet zijn wat alleen maar goed is voor jezelf, maar common sense zou moeten zijn wat goed is voor de mens als natuur zijnde. En dan verandert er heel veel in hoe je denkt.

Charlotte:
Ja, voor het geheel.

Gaan we nu naar het financiële stukje, want daar ben ik ook wel benieuwd naar. Want duurzaamheid en financiën… Want ik altijd merk, is dat mensen die in duurzaamheid werken, is dat die toch altijd op een bepaalde manier tegen geld aankijken. Dus ik ben in eerste instantie wel heel benieuwd:

Hoeveel verdien je en hoe is duurzaamheid dan met jouw money mindset verweven?

Minou:
Hoeveel ik verdien kan ik echt niet vertellen, dat is echt zó anders iedere maand. Dat kan de ene maand een paarhonderd zijn, de andere maand boven de 10.000 zijn. Dat verschilt echt heel erg voor wat ik doe.

Ik heb een ontzettend slechte money mindset, dat geef ik heel eerlijk toe. Het is één van mijn grootste uitdagingen als ondernemer. Ik heb niks met geld, ik geef er niks om, ik ben té intrinsiek gemotiveerd en doe teveel voor niks. Ik ben constant pro bono aan het werk, als iemand hulp nodig heeft, dan vraag ik daar geen geld voor als een coaching call, maar dan jump ik gewoon op een belletje van een uur, en dat doe ik ook voor totaal onbekenden. Dus ik ben in de hele rit best veel tijd kwijt met gewoon dingen doen voor mensen uit de goedheid van mijn hart. Dat is niet handig, dus die money mindset, daar valt nog best wel wat aan de schorten.

Mijn doel is natuurlijk wel om meer te gaan verdienen, zodat ik op een gegeven moment stabiel kan leven. Dat ik stabiele inkomsten heb en dat het voor mij werkt. Maar uiteindelijk, alles boven een bepaald bedrag – en ik weet nog niet 100% zeker welk bedrag dat gaat zijn, dat hangt een beetje af van waar ik uiteindelijk ga wonen. Als ik uiteindelijk in Spanje ga settlen, dan zal het jaarlijkse bedrag dat ik wil verdienen – en daarna ga ik alles weggeven of investeren of aan goede doelen geven of op een andere manier gebruiken – dat zal lager zijn dan wanneer ik dat in Nederland zal doen of in Zweden. Maar dat is logisch.

Charlotte:
Ja, omdat de cost of living natuurlijk veel hoger is in Nederland en Zweden.

Minou:
Precies. Maar het idee is uiteindelijk wel dat alles boven een bepaald bedrag jaarlijks, dat ik dat op een bepaalde manier ga inzetten om meer impact te creëren. Dan kan groene investments zijn, of iets als investeren in een hackathon, of pro bono werk doen, aan goede doelen geven, crowdfundingacties om bepaalde gebieden te stimuleren. In ieder geval iets waarvan je denkt: hoe kunnen we geld laten werken op een manier die impact creëert in plaats van dat het alleen maar meer geld voor mij maakt. Daar schieten we niks mee op, en ik geloof als minimalist zijnde ook niet zo dat we heel veel geld nodig hebben.

Ik heb zelf ook geen auto, ik heb geen huis. In dat opzicht, ik leef nomadisch, dus ik kan overal leven. Ik leef graag in gedeelde huizen, hostels, co-livings of dat soort situaties. Auto’s deel ik ook liever met anderen, BlaBlaCar. Of ik pak de trein. hetzelfde geldt voor kleren: Tweedehands kleren zijn prima. Heb je een keer een jurk nodig, dan huur je die.

Dus in dat opzicht denk ik ook echt… Soms hoor ik mensen doelen zeggen van hoeveel geld ze nodig hebben per jaar en ik denk “Waarom dan? Wat ga je daarmee doen?”

Charlotte:
Ik heb dat ook wel een beetje hoor! Ik zit nu een beetje in zo’n Instagram bubbel met ondernemers die allemaal een ton per jaar verdienen, of 5 ton per jaar. Ik denk dan echt “Mijn god, wat doe je allemaal met dat geld?”

Een paar jaar geleden heb ik een heel toffe workshop gevolgd bij een vriendin over missie en visie vastleggen en dan doelen stellen naar aanleiding daarvan. En dat was niet denken vanuit het geld, maar vanuit je droomleven. Hoe ziet je droomleven eruit? Wat heb je daarvoor nodig en hoeveel geld kost dat dan? En dan kom je op een gegeven moment op een bedrag van “dit heb ik kennelijk nodig om mijn droomleven te leiden”. Ik heb zoiets van: Ja, dat wil ik graag verdienen, en alles wat ik daarboven ga verdienen, dat kan dan naar dingen als Milieudefensie, Greenpeace, Trees for All, Justdiggit. Al dat soort dingen.

Minou:
Precies. Aan de andere kant, ik zal wel eerlijk zeggen: mijn doel uiteindelijk is wel om richting die 5 ton ofzo te gaan. Want dat betekent dat je op dat moment iets van 4,5 of 4 ton hebt aan runway, dat je dan weer kunt gebruiken om weer een nieuw initiatief op te zetten. En weer ene nieuw initiatief, en weer een nieuw bedrijf. Geld is wel hoe je – geld is energie. En hoe meer mensen die energie willen gebruiken om een positieve kant op te gaan, hoe meer geld die hebben, hoe meer positieve impact ze kunnen creëren. Zo simpel is het. Dus we moeten geld niet gaan zien als een vies ding.

En goede doelen – ik zei het net, maar dat was een beetje automatisch – ik bedoel meer echt impact investing, crowdfunding, heel specifiek aan bepaalde bedrijven. Goede doelen vind ik in veel situaties nog een beetje een lek mandje, ontransparant, en ook niet daadwerkelijk dat je denkt: nou, dat zet zoden aan de dijk. Er zijn een aantal goede hoor, Justdiggit vind ik bijvoorbeeld fantastisch.

Charlotte:
Ja, die vind ik ook heel gaaf, en Trees for All ook.

Minou:
Ja, maar die zijn transparant. Daar snap ik het. Maar er zijn ook goede doelen waarvan ik denk: aar gaat het geld heen.

Charlotte:
Maar ik ben ook wel kieskeurig met mijn goede doelen hoor! Sommige doen daadwerkelijk iets langetermijn, wat zinnig is, en bij anderen heb ik heel erg het gevoel van pleisters plakken. Voor korte termijn – bijvoorbeeld als er een ramp gebeurt – is dat heel goed, maar je moet dat langetermijn nooit uit het oog verliezen.

Minou:
Nieuw opgezette goede doelen, dus niet die heel grote bureaucratische logge units, dus de meer doelgerichtere, transparantere, jonge organisaties, die zetten echt wel zoden aan de dijk.

Charlotte:
En dan heb ik nog een vraag natuurlijk.

Kun je wat meer vertellen over de bedrijfs- en verdienmodellen die jij gebruikt?

Zijn er bijvoorbeeld verdienmodellen waar jij vanwege duurzaamheidsoverwegingen geen gebruik van wilt maken? Zelf heb ik bijvoorbeeld iets tegen dropshipping, omdat je dan heel… Nouja. Je werkt voornamelijk B2B…

Minou:
Ik heb alleen maar diensten. Ik heb een aantal verschillende verdienmodellen en ze lijken eigenlijk allemaal heel erg op elkaar. Ik verkoop workshops. en programma’s aan individuen, dat is heel makkelijk. Ik verkoop digitale producten, zoals live modules en een bibliotheek met resources over regeneratie aan individuen as well, en workshops en consultancies aan bedrijven. En dan doe ik een gedeelte pro bono. Dus eigenlijk is het heel rechttoe rechtaan.

Eén last waar ik tegenaan loop, waar ik niet goed weet wat ik ermee moet, en wat ook niet heel veel te maken heeft met mijn bedrijf: ik schilder veel, en ik zou best wel eens mijn schilderijen willen verkopen. Maar ik loop heel erg tegen het feit aan dat… Het is een onderdeel van… Ik zou kunst nooit een nutteloos onderdeel van de consumptiemaatschappij willen noemen. Ik denk dat kunst ontzettend belangrijk is in storytelling, in de transitie, in alles, het speelt echt een heel grote rol. Maar een schilderij is wel gewoon acryl, op basis van chemicaliën, op basis van olie. Een canvas is gewoon katoen. Vervolgens is dat verschepen ook weer uitstoot.

Dus tot nu toe heb ik het eigenlijk alleen nog maar voor mezelf, ouders, vrienden gedaan. Dan verspreidt het zich zo een beetje naar de huizen. Ik zou daar ontzettend graag meer mee willen, omdat ik het zelf ook gebruik als een medium voor creativiteit, voor verkenning, voor hoe je andere werelden kunt creëren.

Wanneer ik weer in Nederland ben, is een schilderij maken van een workshop die ik laatste heb gedaan. We hebben een verkenningsoefening gedaan, hoe 2052 eruit zou kunnen zien. En hun idee ga ik dan omzetten in een schilderij.

Maar dat, dat stukje van een product verkopen waarvan ik denk… Moet ik dat doen. Het is niet een verdienmodel, maar het is wel de verkoop van iets dat niet per definitie misschien nodig is, maar dan vraag ik me af hoe streng moet je daar in zijn?

Charlotte:
Ik snap wel hoe je daar tegenaan hikt. Je produceert iets, je gebruikt daar resources voor, maar wat je creëert geeft niet in een directe zin iets terug aan de wereld ofzo. Behalve dan in esthetische waarde. En dan die afweging neem ik aan.

Minou:
Ja, nee ja… Ja. Als ik het zou hebben over het maken van… Ik weet het niet. Ik vind kunst lastig. Kunst is anders. Ik vind kunst belangrijk, het speelt een belangrijke rol in de wereld, ik vind werkelijk dat we daar niet mee op moeten houden, omdat het een ontzettend grote functie vervult bij verkenning, bij creativiteit, bij verhalen vertellen, nieuwe werelden creëren, saamhorigheid, culturen, alles.

Charlotte:
Stukje zelfexpressie ook. Ook niet onbelangrijk.

Minou:
Precies, het is zo’n belangrijke spil van de maatschappij. Ik denk in heel veel manieren dat juist ook, hoeveel wij ook op social media zitten – nouja, veel mensen, ik gelukkig niet meer – mensen worden ook steeds minder creatief. Ze produceren steeds meer – ze zijn nog steeds even creatief, maar er zitten allemaal van die blokkades tussen, omdat we alleen maar bezig zijn met consumeren en social media scrollen en met input de hele dag. In die manier denk ik ook: daadwerkelijk mensen stimuleren in plaats van de hele tijd op social media te scrollen, dingen te kopen, te winkelen, en van die lege dingen te doen, vind ik kunst voller. Het heeft meer, het is geladen, het is belangrijk. Aan de andere kant: het is wel katoen.

Charlotte:
Ik snap je dilemma. Aan de ene kant is het een stukje zelfexpressie, je vertelt een verhaal met je kunst, en dat is niet alleen voor jou persoonlijk belangrijk, maar je kunt ook anderen inspireren met het verhaal van jouw kunst. En aan de andere kant ook dat stukje “jamaar je moet dan wat produceren, je moet dan wat negatieve impact maken om positieve impact te kunnen maken”. Dat dilemma.

Minou:
Ja. Wat ik nu aan het doen ben: Ik ben hard op zoek naar duurzamere verf. Dat is nog best wel lastig. Ik spoel mijn verf en water natuurlijk niet zomaar door de goot, dat laat ik uitdrogen, verdampen. Ik ben ook aan het uitzoeken – en dat klinkt een beetje lullig, ik hoop dat mensen het niet heel erg vinden – ik koop naar mijn mening lelijke schilderijen, van de tweedehandswinkel, en dan ga ik daar overheen schilderen.

Charlotte:
Hahaha!

Minou:
Ja, dan koop je geen nieuw doek toch?

Charlotte:
Maar dat is wel waar! Dat is best wel slim gedacht! En bij de tweedehandswinkel… Je weet natuurlijk niet of iemand het zelf gemaakt heeft of dat het massakunst is. Van de IKEA ofzo.

Minou:
Bij de kringloop kun je wel zien dat iets zelfgemaakt is. Daar zitten soms dingen tussen… Maar het is soms best wel lastig om te weten waar je overheen kunt schilderen. Want je weet niet hoe het bewerkt is, of het geprimed is, of er een toplaag overheen zit. Ik had laatst ook een doek gekocht uit de kringloopwinkel, en daar wou ik overheen gaan schilderen, en dat ging eigenlijk niet. Ik ben het an het proberen, maar het is een beetje lastig. En er is natuurlijk duurzamer katoen. Er zijn best wel wegen. Maar het is en blijft een grondstofintensieve hobby / passie. Dus dat is mijn dilemma.

Charlotte:
Ja, nee, daar kan ik helemaal in komen.

Minou:
Niet echt een verdienmodel, maar wel een verkoopkeuze.

© Emilie Blanc

Charlotte:

Hoe bouw jij op een duurzame manier aan je zekerheid voor later?

Bijvoorbeeld pensioen, sparen, beleggen, dat soort dingen?

Minou:
Hahaha, niet! Jawel, een beetje. Ik heb mezelf tot mijn 30e gegeven, en dan moet ik hard ana mijn pensioen gaan werken. Dus ik heb mezelf de jaren in mijn 20 gegeven om te spelen. En vanaf mijn 30e wil ik aan mijn pensioen gaan werken. Het enige wat ik nu doe is dat ik 50 euro per maand beleg bij Triodos. Free Innovation Fund ofzo en Fair Share. Die twee doe ik. Dat is het eigenlijk.

En dit gaat een beetje om creatief denken, maar ik ga ook niet in een pensioenfonds later. Ik ga dat echt op mijn eigen manier aanpakken. Een manier waarvan ik denk dat het duurzamer is. Zelfde een beetje als zo’n freelance netwerk waar je elkaar ondersteunt. Ik denk niet dat het per seen aan vanuit de overheid georganiseerd iets hoeft te zijn. Dat het best wel op andere manieren kan. Daarnaats vind ik het hele systeem van tot je 65e werken en dan met pensioen gaan gewoon… Nee. Niet voor mij, vind ik een rare manier van tegen het leven aan kijken. Je weet nooit…

Charlotte:
…of je die 65 ooit haalt.

Minou:
Je weet niet wat je dan aan het doen bent, waar je dan zin in hebt. Je weet niet of je leeft. Je weet niet hoe vitaal je dan bent. Ik weet hoe vitaal ik nú ben en ik weet dat ik nú leef. Dus ik wil dan ook nu leven. Dus ik ben meer van een verspreid pensioen. Maar dat betekent niet dat je niet een potje ergens moet gaan creëren voor later, voor als je minder vitaal bent.

Ik denk dat het ook een groot verschil maakt of je wel of niet kinderen wilt. Als je wel kinderen wilt, dan moet je daar wel veel serieuzer mee aan de slag. Nouja, niks moet, maar dan is het verstandig daar wat serieuzer mee aan de slag te gaan. Dan wil je misschien ook sparen voor studie. Aan de andere kant geloof ik ook niet echt in het onderwijssysteem in de huidige vorm. Dus ik zou kinderen denk ik homeschoolen, dat is weer een ander verhaal. Maar daar moet je ook weer een potje voor hebben.

Er zijn heel veel verschillende dingen die anders gaan lopen wanneer je voorbij de business as usual mindset gaat en regeneratief omarmt. Op een gegeven moment staat alles op zijn kop.

Charlotte:
Alle keuzes die je in je leven kunt maken, daar kijk je dan echt anders tegenaan.

Minou:
Ja, eigenlijk wel. Ik bedoel, ik weet niet eens of ik kinderen wil. Maar wat ik wel weet: Mocht ik ze hebben, dan gaan die niet het huidige educatiesysteem in waarbij je zegmaar met hard geweld in een soort mal wordt gepropt. Tenzij ik dicht bij een school ga wonen die daar wel beter mee omgaat. Daar zijn ook wel weer heel veel initiatieven. Hetzelfde met pensioenen. Er zijn pensioenfondsen die beter, duurzamer zijn.

En dat bedoel ik ook met als je eenmaak geld hebt: Stel je voor dat je op een gegeven moment 5 ton verdient en je hebt een kind, dan kun je dus met andere ouders kijken of je geld bij elkaar kunt leggen en een alternatieve manier van educatie verzinnen. Dan wordt het interessant, dan kun je gaan spelen met het vormen en creëren van een nieuwe wereld.

Charlotte:
Dan wordt geld echt een middel om iets nieuws, duurzaams, regeneratiefs neer te zetten.

Minou:
Ja, dat is wat het volgens mij moet zijn.

Charlotte:
In plaats van “het huidige systeem, maar dan duurzamer”.

Minou:
Ja precies, want dat is nog steeds het huidige systeem wat niet werkt.

Charlotte:
Maar je bent niet heel laat hoor. Ik ben ook pas op mijn 30e begonnen met beleggen. Niet per se omdat dat een bewuste keuze was, maar omdat ik een laatbloeier ben. Maar dat fiscaal voordelig pensioen opbouwen doe ik nog niet, maar ik heb wel, via Happy Planet Professionals trouwens, Stan&Wende ontdekt. Dat is een instantie waar je je eigen pensioenpotje op een duurzame manier kunt opbouwen. Zij beleggen dat dan echt voor jou in duurzame fondsen.

Minou:
Dat soort dingen, dat is slim.

Charlotte:
Wel het oude systeem, maar op een duurzamere manier.

Minou:
Ja, ligt er een beetje aan hoe je het oude systeem ziet. Er zijn ook heel veel bedrijven, daar ga je dan werken, en automatisch kom jij in een bepaald pensioenfonds terecht, en daar heb je verder helemaal geen keuze over.

Charlotte:
Nee dat vind ik echt zó gek, dat je daar niet zelf in mag kiezen! Met Wouter, van Stan&Wende, had ik een paar weken geleden een oriëntatiegesprek, en ik dacht: Ik heb een jaar in loondienst gewerkt op een klantenservice, en daar heb ik natuurlijk ook een beetje pensioen opgebouwd. Niet heel veel natuurlijk, maar een klein beetje. En ik dacht: Kan ik dat dan naar jullie verhuizen? Maar dat kan ook niet! Wat ik in loondienst heb opgebouwd, bij die specifieke pensioenbelegger/verzekeraar/whatever, dat kan ik niet verhuizen naar een duurzame toko die ik zelf kies! Dat is toch raar?!

Minou:
Ja. Dat is heel raar. Heel irritant. Want dat geld wordt jouw hele leven lang op een bepaalde manier beheerd, ook al is het maar een beetje, door een organisatie waar jij niet achter staat, besloten wat daarmee gebeurt, hoe ze dat gaan laten werken. Als dat tegen jouw waardes ingaan, dan is dat raar.

Charlotte:
Ja, dat is naar. En je hebt er 0 controle over. Behalve tegen die pensioenverzekeraar aanschoppen van “Hee, doe duurzaam, doe duurzaam, doe duurzaam, schop, schop, doe duurzaam.”

Minou:
Daar valt ook wel weer wat voor te zeggen. Moet ook gebeuren.

Charlotte:
Zeker, zeker.

Maar op een leukere noot: Wat heb je allemaal bereikt met The Green Sprint tot nu toe?

Waar ben je trots op?

Minou:
Goede vraag. Ik denk dat ik heel veel mensen aan het denken heb gezet. En dat die daadwerkelijk al anders zijn gaan handelen, beslissingen zijn gaan nemen. Dat is voor mij het allerbelangrijkste. En daarnaast dat ik veel mooi workshops en initiatieven heb ontwikkeld, waarbij ook weer mensen aan het denken worden gezet. Dat is altijd mijn uitdaging. De Sustainability Sessions serie, waar ik echt heel veel van geleerd heb, waar mensen ook echt blij mee waren. Een heel jaar lang heb ik duurzame ondernemers niet alleen geïnterviewd, maar ook met een groep mensen dan direct een workshop gedaan met hun. Live. Dat was heel erg leuk.

Sustainability Jargon Buster was leuk. Een jaar lang heb ik iedere week een aantal termen, jargon, toegelicht. Omdat ik er helemaal gek van werd dat overal maar jargon werd rondgesmeten, en iedereen er maar van uit ging dat andere mensen, ook mensen die nieuw zijn binnen het duurzaamheidsveld, wisten waar het over ging. Natuurlijk niet, niet iedereen kent alle afkortingen. Dus dat mogen best wel een keertje uitleggen. Dat was tof.

Een aantal leuke samenwerkingen, ook tof. Ik heb met banken samengewerkt, wat ik wel vrij interessant vond. Daar was ik voornamelijk trots op mezelf dat ik daar niet gillend wegrende.

Charlotte:
Mag ik vragen waarom je dan in theorie gillend weg zou moeten lopen?

Minou:
Ik richt me heel bewust op SME’s: Small and Medium Enterprises. Op het MBK, op freelancers, op dat soort bedrijven, waarbij je daadwerkelijk een bepaald soort grip hebt. Dat je het gevoel hebt dat als je met mensen samenwerkt, dat er ook iets binnen die organisatie gaat gebeuren. Waabij echt heel grote corporates voor mij ontzettend log voelen. Dan voel je je echt zo’n zalm.

En daarnaast: Ik heb niet de meest standaard manier van communiceren of mezelf profileren. Dus de eerste keer dat ik daarheen moest, naar kantoor, dacht ik ook echt van “Wat moet ik nou aan? Wat moet ik doen? Mag je daar vloeken?” Echt heel erg. Allemaal dat soort dingen. Het viel gelukkig allemaal heel erg mee hoor. Maar ik had echt wel iets van “Oh jeetje.”

Ik kom echt uit zo’n innovatie / creatieve achtergrond. Dus ik denk dat veel mensen uit die achtergrond soms bij banken wel denken: “Wooooow.”

Ik heb ook voor een grote fintech organisatie gewerkt, dat vond ik ook wel een vette. Dat was echt een uitdaging. Wel een mooi uitdaging. We hadden een aantal verschillende duurzaamheidschallenges waar ik met een stuk of 6, 7 teams aan heb gewerkt. Maar die teams, daar was – en dit bedoel ik dus met een corporate culture – die corporate culture was niet per se heel regeneratief of open of duurzaam. Dus ik moest daar workshops faciliteren terwijl het vrij normaal was om je camera uit te laten, en eigenlijk alleen maar in de chat te typen of online te komen.

En verkennende, co-creatieve workshops faciliteren terwijl mensen hun camera niet aan hebben… Het is al lastig met Zoom omdat je elkaar niet in de ogen kunt kijken, maar dan ben je dus aan het samenwerken met mensen die je niet ziet, en ook nog nooit hebt gezien, dat is best lastig. En dat daar uiteindelijke wel goede ideeën en resultaten uit zijn gekomen, die zijn gepresenteerd aan het leiderschapsteam en waar de opdrachtgever blij mee was, ondanks dat faciliteren met een aantal… nouja, vrij veel zwarte schermen, dat vond ik ook wel een prestatie, eigenlijk.

Charlotte:
Dat lijkt me echt zo gek: Wel met mensen samenwerken en in discussie, maar dat je ze niet ziet, dat lijkt me vet raar.

Minou:
Dat is heel maf. Vanaf dat moment doe ik dat ook niet meer. Dat is nu wel voor mij een voorwaarde als ik met een bedrijf samenwerk en het online is: de camera’s gaan aan.

Charlotte:
Dat snap ik ook wel.

Minou:
Als een aantal mensen daar binnen het bedrijf… Tenzij er écht… Ik zou niet weten wat de reden dan zou moeten zijn, maar tenzij er echt een goede reden is, en dat van tevoren wordt gecommuniceerd. Maar anders, als de camera aanzetten al teveel moeite is, dan is de intrinsieke motivatie volgens mij ook al dusdanig laag, dat ik ook niet denk dat je daar iets constructiefs gaat bereiken. Tenzij er echt een fatsoenlijke reden is, dat iemand echt kan uitleggen waarom. Maar over het algemeen is het gewoon dat ze niet aan staan omdat mensen hun makeup niet hebben gedaan, of omdat ze ondertussen de was aan het doen zijn. Dat soort dingen.

Charlotte:
Óf ijdelheid, of desinteresse.

Minou:
Precies.

Charlotte:
Maar mooie dingen die je al hebt bereikt. Tof. Speaking of which: Heb je nog iets tofs in de pipeline zitten?

Wat kunnen mensen binnenkort van jou verwachten?

Minou:
Ik heb iets supertofs in de pipeline zitten. Of eigenlijk, het is al uit de pipeline. De afgelopen maanden heb ik heel erg hard gewerkt aan een programma, dat heet het Regerenative Pathways Exploration Program. Dus Regeneratieve… Hoe zeg je dat?

Charlotte:
Regeneratieve Route…

Minou:
Regeneratieve Route Verkenningsprogramma. Dit klinkt als ANWB 😂 Maar in het Engels bekt het wel lekker. Regenerative Pathways Exploration Program. Wat ik daarin heb gedaan, is alles wat ik de afgelopen jaren heb vergaard, en waar je tegenaan loopt op het moment dat je als professional iets meer met duurzaamheid en regeneratie wilt, wat je allemaal moet verkennen, dat heb ik samen gecompileer in één programma.

Wat namelijk heel teleurstellend is en waar veel mensen tegenaan lopen, is op het moment dat zij iets met duurzaamheid of regeneratie willen, is dat ze eigenlijk door de bomen het bos niet meer zien. Er is te veel. Er zijn wel meer dan 650 sustainability frameworks, er is ontzettend veel jargon, er zijn ontzettend veel routes en theorieën en dingen die je kunt verkennen. Het wordt filosofisch, het gaat heel veel verschillende kanten op.

En in plaats van dat dat dan inspirerend werkt, is dat zo’n overwhelm, “ik weet niet waar ik moet beginnen”, “ik weet niet wat te doen”. Daarnaast is het een transformatie van een oud systeem naar een nieuw systeem. En niemand weet hoe dat nieuwe systeem er precies uitziet. Dus waar we het in het begin over hadden: over bepaalde dingen denk je niet na, omdat niemand de vraag stelt.

Dus wat we in dit programma doen, is in 12 weken lang introduceren we iedere week een bepaald topic rondom regeneratie. Dat kan zijn inner development, business development, impact measurement. Je gaat kijken naar inner development cost, regeneratieve mindset, systeemdenken, lateraal denken. Al die manieren, al die dingen die je nodig hebt om die regeneratieve transitie binnen jouw bedrijf te beleven, te omarmen, voort te duwen, die gaan we verkennen.

Deels een module. Eén uur per week module, live, en het andere uur een interactieve workshop. En daar bovenop zit een laag van allemaal resources die jou kunnen helpen om te verkennen, en een community. En voor een heel jaar lang kun je op ene bepaald moment 1 op 1 sessie inplannen. De een loopt misschien na 2 maanden tegen iets aan, de ander met 10 maanden.

Dus het is echt bedoeld om die overwhelm tegen te gaan en jou handen en voeten te geven, zodat je weet wat de gebieden zijn die je kunt verkennen. Dit zijn de tools die je kunt gebruiken, dit zijn de frameworks die je kunt toepassen. Dit zijn businessmodellen die je zou kunnen omarmen. Dit zijn mensen en bedrijven waarmee je zou kunnen samenwerken. het maakt het allemaal wat toegankelijker.

Dat vind ik echt de grootste crux: regeneratieve businessontwikkeling is op dit moment gewoon niet toegankelijk genoeg. Te academisch, te complex. We moeten het MKB meekrijgen, en juist de freelancers. Dat is daadwerkelijk de motor van de maatschappij, dat is waar de meeste mensen werken, waar het meeste gebeurt, waar het meeste wordt geproduceerd. En waar de culturen echt ontstaan.

Charlotte:
Dus dat programma is niet op de grote corporates gericht, maar echt op individuen?

Minou:
Ja, echt op individuen die óf intrinsiek gemotiveerd zijn, die binnen het MKB werken, óf inderdaad die freelancer, de consultant die mét bedrijven aan de slag wil op een regeneratieve manier, maar nog niet zo goed weet hoe. En die eigenlijk ook, natuurlijk, naast zijn eigen werk, niet de tijd heeft om 5 jaar lang in een regeneratiebubbel te duiken om het allemaal maar te gaan lopen uitzoeken. Daar hebben we de tijd niet voor, we moeten aan de slag.

Het is echt community-georiënteerd, dus een kleine groep, maximaal 10 mensen per cohort. En het idee is dan dat vanaf dit jaar, ieder jaar die cohorts in dezelfde community komen, en dat bouwt zich dan zo over de jaren op. Je zit daar dan ook voor je leven lang in. Je krijgt ook je leven lang toegang tot de bibliotheek van resources die ik aan het ontwikkelen ben op het gebied van regeneratie, en dat kan van alles zijn: Van boeken tot frameworks, websites, video’s, apps – alles wat maar helpt bij die transitie. Die zal ik ook blijven ontwikkelen, en daar zal je ook toegang tot blijven behouden.

Dus die eerste 12 weken is echt een opstapje, een kickstarter. Het eerste jaar is meer hands-on, dan kun je mijn begeleiding er nog bij vragen natuurlijk. En daarna is het nog steeds toegankelijk, die community. Want het is niet iets wat je doet binnen 12 weken. Het is echt een lifelong journey.

Charlotte:
Klinkt wel echt supervet.

Minou:
Dus die kun je vinden op TheGreenSprint.com! En het begint 16 januari, die week. Dus de 2e, 3e week van januari. Eigenlijk met het nieuwe seizoen, dat is wat ik wil gaan doen. Dus ieder seizoen ongeveer een nieuwe beginnen. Dat je niet opeens halverwege je lente opeens iets nieuws start, zo *bam*! Dat voelt raar ofzo.

Charlotte:
Dus dat je echt met de start van de winter, start van de lente, start van de zomer…

Minou:
Ja, dat zijn toch vaak reflectie- en verkenningsmomenten.

Charlotte:
Dat is wel mooi.

We zijn er bijna, ik heb nog een paar quick questions voor je.

Wie is voor jou op dit moment een inspirerende persoon op het gebied van duurzaamheid of ondernemen?

Of duurzaam ondernemen.

Minou:
Dat zijn er zoveel. Ik vind de mensen van Fork Ranger heel cool. Ik ben verschrikellijk met namen, maar de mensen van Fork Ranger.

Charlotte:
Wat is Fork Ranger?

Minou:
Dat gaat echt over duurzamer eten, de voedseltransitie. Maar die hebben net een seizoenskalender uitgebracht. Dan kun je per maand kijken welke groentes en fruit er in het seizoen zijn, en dat je op die manier ermee leert koken. Omdat ook een beetje die connectie kwijt zijn. Ze hebben ook een aantal games en dat soort dingen. Ik vind hoe zij tegen de voedseltransitie aankijken heel interessant. Ze proberen het echt heel leuk te maken, heel enthousiasmerend, heel activerend. Niet zo belerend van “JiJ mAg GeEn VlEeS eTeN”. Maar echt op een stimulerende, open-minded manier. Frank Holleman heet hij.

En natuurlijk Felipe Villela, van reNature vind ik een ontzettend interessant persoon. Die doet heel veel regeneratieve agriculture. Dus dat is wel gaaf. Er zijn zoveel mensen die coole dingen doen.

Charlotte:

Een inspirerend boek op het gebied van duurzaamheid of ondernemen.

Minou:
From What Is To What If van Rob Hopkins.

Charlotte:
Heel in het kort, waar gaat dat over?

Minou:
Ik ga heel even kijken of ik dat goed zeg. From What Is To What If, Rob Hopkins. Unleashing the power of imagination to create the future we want. Het gaat niet per se over ondernemen, maar dit gaat echt over in plaats van dat je denkt “zo is het”, ga je denken “hoe kan het zijn”. Maar wat als? What if? Het hele boek gaat over nadenken over andere manieren van de toekomst inrichten. Als we nou eens uit die ingrained, duidelijk afgebakende frameworks breken, wat nou als we de verhalen die we ons de hele tijd vertellen – dus dat de wereld is zoals die is – als we die nou aan de kant zetten en denken: What if?

Charlotte:
Wat als alles mogelijk zou zijn, wat zouden we dan willen?

Minou:
Ja, wat dan? Wat is er dan mogelijk? Welke deuren opent dat? Hoe kun je vanuit dat punt projecten en initiatieven gaan opzetten? Ontzettend interessant boek.

Charlotte:

Wil jij nog iets belangrijks aan mijn lezers en luisteraars kwijt?

Minou:
Sowieso: Schrijf je in voor het Regenerative Pathways Exploration Program! Dat absoluut, daarvoor kun je naar TheGreenSprint.com. Dat sowieso. Maar ik denk dat één van de belangrijkste dingen die ik aan ze kwijt wil, is dat je niet moet wachten totdat je het perfecte idee hebt van hoe je een duurzame onderneming kan opzetten, hoe je iets duurzamer kan doen. Maar gá het ook gewoon doen, ga het verkennen, ga uitzoeken. En laat je niet tegenhouden door de legionen aan experts. Want als puntje bij paaltje komt, dan is niemand een expert op het gebied van de transitie naar de toekomst. Want ja…

Charlotte:
Die is er nog niet.

Minou:
Volgens mij is tijdreizen nog niet uitgevonden. Het is echt een zoektocht en een verkenning. Zolang je het met goede intenties doet, zolang je het met de intentie doet om daadwerkelijke duurzamer en regeneratiever te worden, dan is iedere verkenning, iedere actie, zolang je maar van je fouten blijft leren, belangrijk.

En een andere wat ik heel graag mee zou willen geven is dat je je in plaats van alleen maar richten op leren ook moet ONT-leren. En dit is zoiets wat niet werkt in het Nederlands. Unlearning. Heel veel van waar we door tegengehouden worden, zijn verhalen die ons verteld zijn, dingen die wij zien als realiteit en feitelijk, maar wat eigenlijk verhalen zijn. Frameworks, tradities, bepaalde manieren van doen. “Zo is het omdat het zo hoort, zo is de cultuur gewoon, zo is het gewoon” – heel veel van dat soort dingen, als we die ontleren, dan gaan er opeens heel veel interessante dingen en deuren open.

En, als je dat wilt verkennen, dan kan dat in het Regenerative Pathways Exploration Program.

Charlotte:
Nice. Hartstikke bedankt, ik vin het echt supertof dat je het interview zo wilde doen. Ik ga dat zo lekker uitwerken, op mijn blog plaatsen, podcast binnenkort. En als laatste:

Waar kunnen mensen jou vinden?

Je website, je socials.

Minou:
Het belangrijkste is Minou Schillings op LinkedIn. Dat is 100%, daar ben ik mega actief, daar deel ik alles. Daar komen mijn evenementen voorbij, daar komen resources en boeken voorbij. Alles waar je iets aan kan hebben in de regeneratieve transitie. Dus Minou Schillings op LinkedIn. En de andere is TheGreenSprint.com. Dat zijn de voornaamste.

Charlotte:
Dus Minou Schillings op LinkedIn en TheGreenSprint.com. Minou, dankjewel. En heel veel succes met je Regenerative Pathways Exploration Program. En dan spreek ik jou vast wel weer een keer bij Happy Planet Professionals.

Minou:
Ik ben heel benieuwd! Bedankt voor het interview. Succes met uitschrijven, want dit is een lange 😉

Fotocredits: Emilie Blanc

Doe mee met de digitale schoonmaakchallenge! In 10 dagen help ik jou om de bezem door jouw digitale leven te halen en jouw online footprint wat in te krimpen.

Hiermee schrijf je je in voor de nieuwsbrief. Je kunt je op elk gewenst moment weer uitschrijven.

Scroll naar boven